Hieronder het eerste deel van de aantekening van onze reis ddor Mongolië. Wordt later nog aangevuld met foto’s, kopjes en extra herinneringen en gedachten.

Do 08 augustus

Utrecht-vliegen.

Fietsen : 6km

Al een week loop ik met keelpijn, dus dat begint al goed. Ondertussen komt daar een kriebelhoest bij, dus mijn voornemen om dit jaar geen verkoudheid te hebben op vakantie wordt een uitdaging.

De nacht voor een vlucht is altijd wat onrustig, maar als om 6 uur de wekker gaat, schrik ik toch wakker uit een diepe slaap.

In de trein tonen we allebei ons ochtendhumeur door irritant passief-agresief mensen met grote koffers weg te jagen bij de fietsplek. Ik denk er nog net aan mijn excuses aan te bieden.

In de trein worden we gebeld door de vriendelijke meneer van Zaya hostel. Er is een probleem met de treintickets die hij zou regelen voor onze eerste etappe van Ulaanbaatar naar Edernet.

De wegen zijn momenteel blijkbaar heel slecht door de regen dus iedereen wil met de trein. Wij hadden een hele cabin geboekt voor ons en de fietsen. Maar 4 plaatsen op blijkbaar 1 naam moet echt plaats maken voor 4 mensen.

Dat begint goed, meteen op zoek naar alternatieven. Kijken of we een dag later wel kunnen, of maar meteen fietsen, of vervoer met auto?

Van Esther krijg ik nog een linkje waarin te zien valt hoe een straat in Ulaanbaatar meer een rivier lijkt. We zijn benieuwd hoe het gaat worden!

Inchechen gaat opmerkelijk soepel. Omdat KLM het eerste deel van de Aeroflot vlucht verzorgd is het nog even gedoe om te zorgen dat we niet alsnog voor de fietsen moeten betalen. Maar gelukkig heb ik de mail van Aeroflot bij me waarin staat dat het binnen onze ‘baggage allowance’ valt.

Bij de douane hoeft dit jaar opeens niet alle electronica uit de handbagage, dus daar zijn we binnen no time klaar.

Onze vlucht is iets vertraagd en met de horrorstories over transfers in Moskou worden we licht zenuwachtig of we onze aansluiting wel zullen halen. Dat is niet nodig, de paspoort- en securitycheck lopen we soepeltjes door. En daarnaast: onze aansluitende vlucht heeft een stuk meer vertraging.

Ik wil ons hostel laten weten dat we later zullen zijn, maar de wifi werkt niet mee. Dan maar heel even mobiele data aan. Ik dacht bijna alles uitgezet te hebben, maar blijkbaar was ik Safari vergeten! Dure vergissing. Binnen enkele seconden bijna €50 aan roamingkosten!!!

Ondertussen wordt onze gate meerdere keren gewijzigd… van 5, naar 6, naar 7, naar onbekend…

Aan het personeel durven we niets meer te vragen, want die zijn super gestresst en bits. Maar net als Jur naar boven wil gaan om te kijken of daar een bord is met meer duidelijkheid, wordt er omgeroepen dat we mogen gaan boarden. Bij onze oorspronkelijke gate5 waar we toevallig net staan.

We gaan als een van de eersten de bus in die ons kilometers en kilometers verderop brengt naar ons vliegtuig. Onze Rolls Royce (volgens de logo’s op de motoren) met de airco op standje Siberië. Van mij mogen ze snel beginnen met het uitdelen van eten en drinken!

Daar denken ze zelf helaas anders over. Het duurt nog een hele tijd, maar gelukkig is het lekker.

Kunnen die gillende baby’s misschien uit?

Vr 09-08-2019

Vliegen-Ulaanbaatar

Zaya hostel

Als we in Ulaanbaatar bij de bagageafhaal staan, zien we snel de fietsen! Jippie, die zijn mee gekomen. Nou nog even de andere bagage. Of niet dus…

Blijkbaar is die in Moskou achtergebleven. Of misschien wel met een ander vliegtuig mee, want op onze bagageband blijft ook een stapel koffers verweesd achter.

Dus maar in een lange rij mensen die ook bagage missen. Onder hen een heel stel dat hun spullen of fiets nodig hebben voor een mountain bike race. Grote vraag is of ze nu wel kunnen starten!

Na ons appje over missende bagage begrijpen ze van Zaya dat onze fietsen er niet zijn en sturen ze de grote auto weg!

Met duwen en wrikken past Jurjans fietsdoos in de personenauto. Mijn fiets uit de doos, doos opvouwen. Dan pst het er net bij. Jur met die auto mee, ik met 2 andere gasten in een 2e auto.

Zo lukt het gelukkig toch.

Het hostel is super en we kunnen gelijk terecht in de kamer.

We hebben wel fietsen maar kunnen ze niet weer helemaal monteren, want het gereedschap zit in de bagage.

We halen een SIMkaart en de kosten (omgerekend ongeveer €0,35 voor 5gb data) staan in schril contrast met het enorme bedrag dat die ongelukkige data roaming me kost.

We kopen vast gastankjes, vol vertrouwen dat de bagage nog wel komt.

Verder is het vooral een beetje bijkomen van de jetlag en tevergeefs duidelijkheid proberen te krijgen over de bagage.

Za 10-08-19

Ulaanbaatar – Jirniin Tsagaan Nuur tourist camp

Tent opgezet bij het ger kamp

47°56′42.58″N 106°07′34.92″E

Fietsen: 64km

Ondanks dat we in het centrum van een grote stad zitten, was het heerlijk stil vannacht. Zelfs geen regen meer! Het belooft een mooie dag te worden vandaag.

Nu nog zien dat we de bagage terugkrijgen.

Van een paar andere fietsers kunnen we even gereedschap lenen zodat we de fietsen verder kunnen monteren. Het lukt net niet helemaal om het af te krijgen voor ze weg gaan, maar fijn om even wat constructiefs te doen.

Het wachten tot ze iemand op het vliegveld te pakken krijgen is knap frustrerend.

Om half tien is er eindelijk het verlossende woord: de tassen zijn er! Op het vliegveld spreken we nog een groep deelnemers aan de mountain bike race, niet iedereen heeft zijn spullen… super sneu!

We maken de fietsen verder klaar, doen boodschappen en om een uur of één kunnen we eindelijk op weg.

Eerst maar eens die drukke stinkende stad uit.

De verkeersregels voor in- en uitvoegen en van baan wisselen bestaan uit: doe het zo vaak mogelijk en de sterkste of brutaalste heeft voorrang. Geen ideale omgeving voor fietsers, maar het valt ons mee hoeveel rekening er meestal met ons gehouden wordt. De uitlaatgassen zijn het ergste, vooral van de bussen die dikke pluimen zwarte stank over ons uitspuwen. En net met deze bussen delen we vooral de rechterbaan. Een opluchting dus als bij een splitsing blijkt dat de meeste bussen naar rechts gaan en wij naar links.

Eenmaal echt de stad uit, wordt de omgeving al snel wat je verwacht van Mongolië, mogelijk wat groener vanwage de vele regen die gevallen is deze zomer. Maar niet vandaag, vandaag brandt de zon op onze kopjes en ik raak al snel oververhit. Dat maakt het vooruitkomen lastig, maar om een uur of 5 lijkt het wat koeler te worden en maken we toch nog wat vooruitgang.

Met het wegvallen van de trein is er zo’n 300 km bij de route opgekomen. Dan moeten we dus oer dag 10km extra als we de oorspronkelijke route helemaal willen doen. Maar eens kijken if dat wil lukken.

We denken wild te gaan kamperen, maar als net op zoek willen naar een plekje zien we een bordje richting een ger kamp. Ze kijken wat raar op als we vragen of we onze eigen tent daar op mogen zetten. Maar ze bedenken een prijs, wat hoger dan gehoopt, maar die blijkt wel inclusief een heerlijke warme douche!

Bij de tent worden we gegroet door een lapjeskat die ons een cadeautje komt brengen. Een marmotje? Of wat is het? Na aandringen eet ze m gelukkig zelf op.

Dank je poes, wij hebben ons eigen eten.

De paars gebloemde geurige vlakte is hier een grote gatenkaas van holletjes waar deze beestjes in en iit piepen.

Na het eten begint het flink af te koelen. Maar eens kijken of het vannacht inderdaad zo koud wordt dat het gaat sneeuwen, zoals we vanochtend hoorden. Na zo’n warme dag is dat moeilijk voor te stellen.

Zo 11-08-19

Jirniin Tsagaan Nuur tourist camp – iets voorbij Lun

47°51′37.13″N 105°09′46.76″E

Wild kamperen

82 km

Het was ‘s nachts best afgekoeld, maar zeker geen sneeuwtemperatuur. Sterker nog: om 7.00 branden we de tent al weer uit onder een strak blauwe lucht. Het kwik stijgt al snel weer naar boven de 30 graden wat mij zwaar valt. Vooral omdat er gewoon nergens schaduw is. De prachtige open vlakte betekent vrij spel voor zon en wind. De harde zijwind blaast ons relmatig van de weg. Gelukkig richting een goed befietsbare grindrand en niet onder de vele auto’s en vrachtwagens.

Ik ben niet vooruit te branden. Gelukkig heeft Jurjan vandaag een engelengeduld. Ik kan mezelf niet uitstaan en de drama queen in mij neemt vandaag wel erg de overhand. Met veel pauzes kom je op zo’n dag minder ver dan je hoopt, de licht glooiende goede asfaltweg is op zich makkelijk. Zware wind, felle zon en dit jaar eigenlijk niet getraind hebben zijn het probleem.

Is het alleen kommer en kwel? Nee hoor, het uitzicht is prachtig, we spreken verschillende geïnteresseerde mensen, soms met handen en voeten, zien een kudde kamelen met een hoop kalveren het verkeer ontregelen door de weg over te steken en ik heb goed gezelschap.

Om een uur of vier komen er wat wolken: welkome schaduw! Maar na verloop van tijd gaan de vriendelijke witte wolkjes over in loodgrijze dreiging. Het is duidelijk: we fietsen slecht weer tegemoet. We besluiten de tent toch maar op te zetten en spreken af: zodra de buitentent staat, eerst alles naar binnen en dan pas verder bouwen.

De fikse wind zwelt nog verder aan en rukt de tent bijna uit mijn handen. We gebruiken alle haringen om de tent – die gelukkig wel wat zwaar weer kan hebben – goed vast te zetten. Zodra de buitentent staat vallen de eerste dikke druppels. Zo snel mogelijk alles naar binnen en fietsen plat op de grond, zodat ze niet omwaaien en ook geen bliksem aantrekken.

Best spannend, kamperen met onweer, zeker op een dergelijke locatie, maar veel keus hebben we niet.

De tent schudt en klappert, maar de wind gaat na een half uurtje gelukkig weer iets liggen. De regen gaat af en aan en het onweer lijkt uit de buurt te blijven. Een paar uur later is het zelfs windstil.

Ma 12-08-19

iets voorbij Lun – Dashinchilen

47°50′59.8″N 104°02′34.56″E

Hotel

85km

Are we having fun yet?

Het was een onrustige nacht, niet eens door het weer. Ik slaap slecht omdat ik erg scheef lig, hoestbuien heb, muggen om mijn hoofd zoemen, ik ondanks de washand-wasbeurt nog plak en de auto’s op de nabijgelegen weg klinken alsof ze ieder moment de tent in kunnen rijden.

Ik sta dus al licht grumpy op en dat wordt niet beter als ik mij realiseer dat mijn voorband lek is. In de buitenband kan ik geen oorzaak vinden, dus we gooien er maar gewoon een andere binnenband in. De laatste jaren hadden we zo weinig lekke banden dat de handigheid er een beetje uit is.

We vertrekken dus wat later, maar we hebben geen haast, toch?

Het lijkt vandaag wat minder warm en de wind – die we vandaag tegen verwacht hadden – is wat gedraaid en komt gelukkig weer van opzij, en is een stuk minder hard.

Dat zou goed moeten gaan zou je denken. Maar ik heb last van mijn rug en ga als een dweil.

Boven aan een heuvel treffen we een groep mensen uit Mongolië. Ze spreken 3 woorden Engels, maar hebben een goede wil om te communiceren. We krijgen allebei een flesje water in onze handen geduwd er wordt een grote zak koekjes opengetrokken en even later een bak heerlijke noodles. We eten, drinken, gaan op de foto en proberen onze route uit te leggen op de kaart. Ze willen ons terusturen naar de grote weg als ze horen welke kant we opwillen, maar we kunnen ze duidelijk maken dat we er zo ook komen en dat dat leuker fietsen is.

Dan komt de fles Ghengiz Kahn wodka te voorschijn. Het is 10.00 ‘s ochtends en we beginnen net met fietsen. Maar nee is geen optie. Het lukt mij nog net om het tot een glaasje te beperken, maar Jur komt er niet onderuit: 3 glaasjes moeten er gedronken worden.

De leuke ontmoeting doet me goed en na een krak in mijn rug lijkt ook dat weer even beter te gaan. Gecombineerd met een prachtige afdaling voel ik me al weer een hele pief.

Tot bij de de volgende klim mijn voorband weer zompig voelt… ook deze lek. Terwijl ik de band er weer af ga halen kijkt Jur of ie bij de andere het gat kan vinden om te plakken. Maar het is zo klein, net als in deze tweede, dat we m niet kunnen vinden.

Dan maar de volgende reservenband. We vinden eindelijk de oorzaak in de buitenband, het is weer zo’n metaaldraadje uit vrachtwagenbanden. Het type dat altijd mijn banden weet te vinden en nooit die van Jur.

Als we de nieuwe binnenband oppompen blijkt die sneller leeg te lopen dan wij m op kunnen pompen. Vers uit de doos, met een giga gat. Dan maar de laatste reserveband, want we worden ondertussen levend opgegeten door de zwermen vliegjes.

De dag gaat zo wel heel snel voorbij en na het gedoe met de band speelt ook mijn rug weer op.

Geen idee waarom, zelden zo veel last van mijn rug met fietsen.

Maar de weg is goed, de omgeving mooi, de temperatuur beter te doen. Grootste probleem is dat de wind is gaan liggen waardoor stilstaan geen optie is. Een wolk van grote vliegen, kleine vliegen en minivliegjes zwermt om ons heen. Pootjebadend in ons zweet. Ze gaan op ontdekkingstocht in onze neus, keel en oren.

Langs de weg zien we een groep van 5 of 6 gigantische gieren een kadaver schoonpikken. Helaas vliegen ze weg voor we kunnen stoppen voor een foto.

Hopelijk gaan we die vaker tegenkomen, prachtig vind ik ze.

Later op de middag wordt de route een stuk vlakker en kunnen we nog even wat meer opschieten. Als we een hotel tegenkomen besluiten we onszelf te tracteren op wat luxe. De kamer die ze ons eerst laat zien valt boven het max bedrag dat we uit willen geven. Maar ze heeft nog een iets kleinere en we gaan ervoor.

Ik verheug me op een lekkete warme douche, maar het wordt helaas een ijskoude plens.

Als we om half acht naar het restaurantje lopen, blijkt dat ondertussen dicht te zijn. Omdat het te laat is? Of misschien omdat ondertussen de stroom is uitgevallen?

Dan maar even kijken of we mbv water de minigaatjes in de eerste twee binnenbanden kunnen vinden. Mmm geen stroom, dus geen pomp, dus geen water meer…

Ons luxe hotel wordt steeds minder luxe!

Onder ons raam horen we iemand luidruchtig overgeven. Te veel wodka? Of moeten we blij zijn dat het restaurant ondertussen gesloten is?

Wij dineren in het donker met chips, hardkeks en appels.

Di 13-08-19

Dashinchilen – ergens langs de weg in de buurt van wat steencirkels (oude graven??)

47°27′13.32″N 103°46′38.26″E

Wildkamperen

58 km

‘s Ochtends doe de elektriciteit het nog steeds niet. Een stel plannen vallen daarmee in het water. Oh nee juist geen water.

We hadden gehoopt de minigaatjes in de binnenbanden met water wel te kunnen vinden. We hadden graag alle electra zoveel mogelijk opgeladen. We hadden een waterzak willen vullen met kraanwater, voor koken en onszelf wasswn vanavond. En we hadden graag de wc kunnen doortrekken.

Het bed was heerlijk, maar dat was het enige wat we als pluspunt kunnen noemen. Ik doe het niet makkelijk, maar we besluiten te kijken of we nog wat geld kunnen terugkrijgen. Google translate in het Russisch (offline) komt niet over, maar ziwaar heb ik even genieg internet om de vertaling naar get Mingools te doen. We krijgen 10.000 van de 90.000 terug. Niet heel veel, maar we dringen niet verder aan.

We rijden nog een oaar honderd meter asfalt en dan slaan we af, dirtroad op.

We schuiven door los zand, gravel en modder. We stuiteren over stenen en een soort ‘ripio’. Honderden scapen- en geitenpoten woelen de grond nog wat extra voor ons om. We slingeren over de weg om de best befietsbare stukken te vinden. Niet de beste weg die we ooit hadden, maar zeker niet de slechtste.

Het is zwaar voor het lijf, maar goed voor het humeur. Het fietsen houdt je bezig, met ander verkeer heb je nauwelijks te maken. De omgeving is alles wat ik er van hoopte.

Ik zou willen beweren dat het superstil is, maar de krekels zijn oorverdovend.

Op de rem voor een gigantisc insect. Vol verwondering bekijken en fotograferen we het. Via Instagram (we hebben opvallend veel internet vandaag) vraag ik aan Esther of zij het beest kent. Het blijkt een Deracantha onos te zijn, een sabelsprinkhaan.

Verderop zien we een grote groep gieren een heuvel ophupsen. Het lijkt er op dat ze de heuvel gebruiken om wat makkelijker op te stijgen. We laten de fietsen staan en proberen wat dichterbij te komen. Ik heb het idee dat deze wat kleiner zijn dan die we pas zagen.

De weg is leuk en prachtig, maar ook heel vermoeiend, vooral als we heuvels krijgen. De pauzes worden weer veelvuldig en als we een prachtig rotspartij vlak bij de weg zien, vinden we schaduw en een redelijk goeie zitplaats. Tijd voor een echte pauze. We komen nog een andere soort dikke sprinkhaan tegen. Ik weet niet wat ze die beesten voeren hier…

Ik kom na de rust nauwelijks overeind, maar ik kan weer een stukje verder. We komen weer een ger-toeristenkamp tegen en besluiten te vragen of we daar mogen kamperen, in de hoop op wc, wasgelegenheid en misschien wel een koud biertje.

Het mag niet, en we zien al dat de voorzieningen bestaan uit een hokje met gat in de grond wn verder niks. Dus eigenlijk wel blij dat we weer weg gestuurd worden: als het dan toch spartaans moet, dan maar helemaal vrij.

We vinden een paar kilometer verderop een mooi plekje bij een soort steencirkel met een berg stenen in het midden. Waarschijnlijk een heel oud graf of iets dergelijks. We gaan voor de zekerheid maar buiten staan, geen idee wat netjes is, maar kamperen op een begraafplaats lijkt toch wat vreemd.

Het is genieten van het uitzicht en de rust. Laag boven de horizon staat een gigantische maan, net niet vol. Wat een bak licht!

Als we net in bed kruipen begint het te regenen. Timing!

Wo 14-08-19

Van de ene wildkampeerplek naar de andere, +- 40km voor Kharkhorin

47°16′05.87″N 103°10′50.78″E

66,5km

Het is vanochtend echt genieten van ons uitzicht. Mooi plekje hadden we uitgezocht! Als we een klein stukje verderop wat foto’s willen maken van een boeddhistisch tempeltje, maken we weer contact met een Mongoolse familie, die ongeveer net zo veel Engels spreekt als wij Mongools. Ze zijn zwaar gefacineerd door onze fietsen, het zoonrje van een jaar of 10 maakt een heuse fotoreportage met zijn telefoon van ons en de fietsen.

De eerste 10 km fietst de weg veij relaxt, maar als we ‘onze’ afslag nemen wordt de weg heel beroerd. Het grootste deel van de tijd hebben we de keus tussen 2 smaken: ‘teethshattering ripio’ of wegglijdend los zand. We navigeren zo goed en zo kwaad als het gaat, maar regelmatig zit er niets anders op dan maar naast de weg te fietsen. Daar is de ondergrond meestal steviger en de hobbels meestal subtieler. Dus slimgeren we tussen de struiken door.

Hoewel we op dit stuk geen heuvels hebben, komen we zo niet harder vooruit dan 5-10km/u.

Ik begin me zorgen te maken over ons water, dus als we bij een idyllisch riviertje komen vullen we een waterzak met zo’n 5 liter gemoedsrust.

Na zo’n 10 km stuiteren, glijen en weg ontwijken zijn we eigenlijk blij om weer asfalt te zien. Gaan we nog een beetje opschieten, denken wij…

Na een km of 8 langs wat een rand van de Gobi lijkt, vinden we een winkeltje met ijsjes en drinken. Heerlijk want het is alweer bloedheet. In een restaurantje ernaast schuilen we even voor de vrandwnde zon en eten we wat. We wijzen maar aan wat de buren hebben, want we kunnen de kaart niet lezen.

Wat betreft dat opschieten: think again!

De wind steekt op en doet dat serieus en recht in ons smoel. We moeten op de vlakke stukken moeite doen om tussen de 10 en 15 km/u te halen. Heuvel op is ondanks de subtiele percentages al helemaal een ramp. En als we op een afdaling 20km/u halen zijn we ronduit verbaasd.

Kortom het schiet voor geen meter op.

Jurjan is een bikkel en neemt het meeste windbreken op zich. Maar zelfs zo is het een uitputtingsslag. Pauze na pauze volgt sneller en sneller.

Als om 5 uur de wind gaat liggen en de temperatuur daalt naar 25 graden is het opeens aangenaam fietsweer. Maar de benen zijn leeg en de billen stuk.

Toch weten we er nog zo’n 8 km extra uit te persen op zoek naar een geschikt kampeerplekje. Helaas niet zo mooi als gisteren. Maar je raakt verwend hier.

‘s Avonds al weer regen, het weer is wat uit z’n doen.

Do 15-08-19

Wildkampeerplek naar Kharkhorin

Mukhulai hotel

47°11′38.46″N 102°50′19.39″E

36 km

Beetje onrustig begin van de nacht met de regen en wind, maar ‘s ochtends is de tent gelukkig zo goed als droog.

Maar wat is het koud! Een graad of 11 met een ijzige wind die het nog kouder laat voelen. De zon achter de wolken.

We ritsen onze broekspijpen aan en doen de regenjassen maar aan als windstopper. Vandaag een kort dagje naar Kharkhorin. Dat is mooi, geeft ons genoeg tijd voor wat sightseeing.

Maar ook al is het kort, asfalt en niet extreem steil, ik heb het toch nog zwaar. De rugpijn is weer terug en op een gegeven moment daardoor nauwelijks gevoel in mijn benen.

Pauzes zijn nu niet te warm, eerder wat erg frisjes.

Maar voor de middag zijn we in Kharkhorin. We nemen een hotelletje vlakbij Erdene Zuu. We zien een bed en een douche en zeggen ja. Zonder even het bed te voelen en te kijken of er warm water is.

De bed blijkt een plank te zijn, dat wordt toch de eigen matjes opblazen voor deze prinses op de erwt…

En zoal later zal blijken: een warme douche is ook een uitdaging.

We lopen naar Erdene Zuu. Ondertussen onder een zonnetje. Voor je het weet is het niet langer koud, maar weer heet.

Maar het tempelcomplex ziet er met de blauwe lucht wel extra mooi uit.

Na een lekkere lunch (het Mongoolse eten valt ons tot nu toe zeer mee) in een van de vele kleine restaurantjes naast Erdene Zuu, lopen we nog even door het stadje. Verder niet extreem boeiend, dus dan maar evven een wasje doen en ons douchen.

Nas kleten wassen, Jurjans scheren en douchen, mijn douchen en haren wassen wordt eindelijk het water van lauw-koud opeens lauw-warm. Ik geniet er nog een minuutje van, maar dan is het toch klaar.

We lopen nog een keer door Erdene Zuu in de hoop de noorderpoort weer uit te kunnen. Het is ondertussen heerlijk rustg, dat is wel heel fijn. De noorderpoort is echter dicht, dus we moeten toch omlopen naar de stenen schildpad die we nog even willen bekijken.

Dan tijd om ons maar eens helemaal vol te eten voor net geen geld. En maar eens kijken of we nu wel met wat water die rottige kleine gaatjes kunnen vinden.

1 reactie

  • Marmotten zijn best groot voor een kat. Ik gok dat de gaten van een Mongoolse dwerghamster (Allocricetulus curtatus) of de Roborovski (woestijndwerghamster / Phodopus roborovskii) zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *